Dépistage

DSCN5569Gisteren had ik een afspraak voor een mammografie in het centre d’imagerie médicale van Prades. Twee jaar geleden ben ik er ook geweest. Ik herinner het mij nog goed. De persoon die mijn borsten tussen twee schijven moest pletten was een knappe man. Een Catalaans type met donkere ogen en bruine handen. Dat hij knap en ook vriendelijk was deed niets af aan het ongemak. Nadat hij klaar was met twee bovenaanzichten en twee zijaanzichten, moest ik wachten op de dokter. Hij was dus niet de dokter. Ik mocht iets over mijn schouders leggen, maar ik mocht mijn bovenkleding nog niet aantrekken, want de dokter zou me ook nog een keer onderzoeken. En dus zat ik halfbloot een mij eindeloos toeschijnende tijd op de dokter te wachten. Er klonken eindelijk stappen in de gang en de deur ging open, maar het was opnieuw de knappe assistent. Hij moest een extra foto nemen. Gelaten onderging ik het trekken en het pletten. Hij verdween weer en toen begon het malen. Blijkbaar was er iets niet in orde. Waarom moesten ze anders een extra foto hebben? Ik zag mezelf al heen en weer tussen ziekenhuis en thuis rijden met een sjaaltje rond mijn hoofd. Ik zag me thuis zielig in bed liggen en over de wc hangen. Ik begon al te panikeren over de extra kosten die me boven het hoofd hingen, toen de deur openging en de echte dokter binnenkwam. Hij deed me mijn armen in de lucht steken, voelde aan mijn oksels en zei toen dat het niets was. Wat onschuldige kalkafzetting of zo.

Gisteren was ik beter voorbereid. Ik hoefde niet meer op te zoeken waar het centrum voor radiologie was. Ik wist nog dat ik een formulier moest invullen en ik had zelfs al een naam van een huisarts mee. Ik was voorbereid op de knappe Catalaan, maar het was een Catalaanse deze keer. Al zag ze er zo niet uit. Ze had geblondeerd haar. Zwart haar zou haar beter staan, dacht ik. Maar dat is omdat ik een voorkeur voor donkerharige vrouwen heb. Ze droeg een bril met een dik montuur, wat haar sympathiek maakte. Toen ik me uitkleedde rook ik mezelf. Verdorie, ik was vergeten om nog een snelle okselbeurt te doen voor ik vertrok. Ik hoopte dat ik haar humeur met mijn lichte zweetgeur niet bedierf. Maar ze bleef glimlachen en vriendelijk vragen of ik het nog kon houden en op tijd zeggen wanneer ik weer mocht ademhalen. Haar aanrakingen waren zacht en voorkomend, en dat hielp deze keer wel een beetje tegen het ongemak.
Ook van haar mocht ik mijn bovenkleding nog niet aantrekken tijdens het wachten. Ik ging op een stoel zitten en nam een boek uit mijn handtas. Deze keer was ik gewapend tegen het lange wachten. Het was een boek met korte verhalen van Ali Smith. Het voordeel van een slecht geheugen is dat ik boeken, vooral verhalenbundels telkens opnieuw kan lezen alsof ze nieuw zijn. Ik herinner me nog wel dat ik ze goed vond en soms herinner ik me een zekere sfeer. Maar van het verhaal van Smith waarin ze een achtergelaten peuter in haar winkelwagentje vindt, weet ik niet meer wat ze uiteindelijk met het kind gedaan heeft. Dus lees ik het weer met evenveel nieuwsgierigheid als de eerste keer. Het was het tweede verhaal in het boek. Ik had het net uit, toen de assistent radioloog weer binnenkwam met de mededeling dat ze een bijkomende foto moest nemen. Het trekken en pletten deed wat meer pijn nu. Ik zag haar bedenkelijk kijken naar het scherm, maar ik ging ervan uit dat het opnieuw de kalkafzetting was die nader onderzoek vroeg. Ze vertrok weer naar de dokter. Ik nam mijn boek op en las nu het eerste verhaal. Het ging over een gesprek dat de schrijfster afluisterde, een gesprek tussen twee mannen in een café en het ging over het verschil tussen de roman en het korte verhaal. De roman werd daarbij vergeleken met een ouwe verlepte hoer en het korte verhaal met een lichtvoetige nimf. Daarop belde de schrijfster naar haar vriendin, die blijkbaar een specialiste van het korte verhaal was. De vriendin lag in het ziekenhuis. Ze had kanker en vervelende complicaties. Ze voerde bovendien een juridisch gevecht om te bekomen dat een bepaald medicijn tegen kanker door de overheid zou ter beschikking gesteld en terugbetaald worden. Die strijd won ze, waardoor ze heel wat levens heeft gered. Of ze het zelf gered heeft, kon ik niet afleiden.
Het verhaal was uit en de dokter was er nog niet. Ik vroeg me af waar ik me zou laten opereren: in België of in Frankrijk.
Hij kwam binnen en zei meteen dat alles in orde was. Mogelijk had hij toch een idee van wat er zich in het hoofd van een op een diagnose wachtende vrouw afspeelt. Hij liet me nog wat armbewegingen maken, voelde aan mijn oksels en herhaalde nog eens dat alles in orde was.
Onderweg naar huis dankte ik mijn gezonde lichaam. En ook Ali Smith voor haar sprankelende verhalen.

3 gedachten over “Dépistage”

  1. Je moet echt verder gaan met korte verhalen te schrijven! Ik ben niet zo fan van kortverhalen, maar ik ben wel fan van die van jou.
    Ik begon me al heel de tekst lang zorgen te maken : oh nee, Christine heeft toch niets.

    En ik heb ook een voorkeur voor zwartharige mannen en zwartharige vrouwen ( soms een beetje jaloers 🙂 ). Gelukkig heb ik zelf zwart haar, puur toeval.

    Wanneer kom je nog eens naar Antwerpen?

    Like

    1. Je bent al de tweede die zich zorgen maakte. Sorry dat ik jullie even ongerust maakte. Maar blij dat je me graag leest.
      Ik ben half oktober een weekje in A.
      PS Ik ben jaloers op jouw haar.

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s