Met vier aan tafel

Aan haar eikenhouten tafel
Drinken wij voor het eerst
Wijn uit kleine glazen

Hij heeft blauwe ogen en lang sluik haar
Gegroefd gezicht en rijk
Te mooi om goed te zijn

Zij heeft bruine ogen en sterke schouders
Rad van tong
Jong en vol plannen

Hij heeft donkere ogen en is grijs
Voor zijn jaren
Te wijs om waar te zijn

Ik snijd mijn perziktaart
In ongelijke stukken
En neem het kleinste part

Iemand likt het bord af
Die zal het zijn

 

 

(Voor wie interesse heeft in het schrijfproces, hier vind je een tekst over feedback bij dit gedicht.)

Advertenties

Inspiratie

Het geluk van de schrijver

Vanmorgen ben ik begonnen met de biografie van M. Vasalis te lezen. Het is een lijvig boek, waarvan in recensies gezegd wordt dat het te gedetailleerd is, maar in het voorwoord lees ik al iets dat me waarschijnlijk zal aansporen om door te lezen:
‘Overvloedig gezegend met creativiteit moest ze in het midden van haar leven meemaken hoe haar scheppingskracht afnam. Wat een vanzelfsprekend permanent bezit leek ontviel haar, langzaam en pijnlijk. Vasalis voelde zich er schuldig en vertwijfeld over.’
Hoe herkenbaar en troostend. Het gevoel dat mijn inspiratie opdroogt, ken ik goed. Alleen lijkt het bij mij niet gebonden aan een bepaalde levensfase. Het is meer een cyclus. In een jaar geniet ik soms maandenlang van een stroom van ideeën en werklust. Dan begint de inspiratie af te nemen, word ik erg kritisch over mijn eigen werk, en groeit de twijfel en het schuldgevoel. Twijfel over mijn talent: is…

View original post 311 woorden meer